Waarom ik schrijf vanuit ervaringskennis

Ik schrijf over neurodivergentie vanuit ervaringskennis. Niet als arts. Niet als behandelaar. Niet als iemand die diagnoses stelt. Ik schrijf als neurodivergent mens die leeft met een ander brein, en die al jaren luistert naar de verhalen van andere neurodivergente mensen. In reacties. In gesprekken. In lotgenotenbijeenkomsten. In wat mensen voorzichtig durven delen wanneer ze zich veilig voelen.

Ervaringskennis is kennis die ontstaat doordat je iets zelf leeft en daar bewust op reflecteert, over tijd en in context. Niet één keer, maar steeds opnieuw. In je lichaam. In je hoofd. In hoe je reageert op de wereld. Het is geen theorie en geen handboek. Het is weten hoe iets voelt, waar het schuurt, wat helpt en wat juist niet. Die kennis groeit niet alleen uit lezen of leren, maar uit ervaring, reflectie en herhaling.

Die kennis ontwikkelt zich ook in lagen. In het begin ken je vooral jezelf. Je eigen overbelasting. Je eigen patronen. Je eigen reacties. Dat is waardevol, maar ook beperkt. Het zegt iets over jou, niet automatisch over anderen.

Ervaringskennis verdiept zich wanneer je je eigen ervaringen naast die van anderen legt. Wanneer je luistert zonder meteen te duiden. Wanneer je merkt wat terugkomt in verschillende verhalen, en wat juist niet. Door gesprekken. Door lotgenotenbijeenkomsten. Door het naast elkaar leggen van ervaringen zonder ze gelijk te maken. Daar ontstaat inzicht dat verder gaat dan één persoonlijk verhaal, zonder ooit los te raken van subjectiviteit.

Dan leer je onderscheid maken. Wat is van mij. Wat zie ik vaker. Waar lopen ervaringen uiteen. Waar wordt generaliseren gevaarlijk. Juist die beweging maakt ervaringskennis zorgvuldig. Niet omdat zij alles verklaart, maar omdat zij haar eigen grenzen kent.

Wat ervaringskennis niet is, is een absolute waarheid. Het is geen vaststaand kader dat voor iedereen geldt. Het is geen vervanging voor medische zorg, therapie of diagnostiek. Het is ook geen shortcut naar een label. Herkenning kan iets openen, maar het mag niets vastzetten. Zien dat je jezelf herkent in een verhaal betekent niet dat je weet wat er bij jou speelt. Het betekent alleen dat er woorden zijn die ergens raken.

Ik stel geen diagnoses. Ik trek geen conclusies over anderen. Als ik schrijf over autisme, ADHD of andere vormen van neurodivergentie, dan doe ik dat vanuit mijn eigen ervaring en vanuit wat ik hoor van anderen die zichzelf herkennen als neurodivergent. Ik zeg niet: zo is het. Ik zeg: zo kan het voelen. Dat verschil is essentieel.

Kennis over neurodivergentie is bovendien niet af. Wat we dachten te weten, verandert. Diagnostische criteria verschuiven. Onderzoek groeit. Stemmen die lange tijd niet gehoord zijn, komen nu pas in beeld. Zeker bij vrouwen, bij mensen met een late diagnose, bij mensen die jarenlang gemaskeerd hebben. Ervaringskennis speelt daarin een belangrijke rol, omdat zij zichtbaar maakt wat lange tijd buiten beeld bleef.

Woorden geven aan ervaringen is geen luxe. Het is vaak een eerste stap richting begrip. Veel neurodivergente mensen groeien op zonder taal voor wat ze meemaken. Ze voelen dat iets anders loopt, maar kunnen het niet uitleggen. Dat gebrek aan woorden leidt vaak tot zelftwijfel, schaamte en het idee dat het aan hen ligt. Als iemand dan een ervaring leest en denkt: dit herken ik, gebeurt er iets wezenlijks. Niet omdat het een label plakt, maar omdat het ruimte geeft.

Herkenning is geen diagnose. Het is een uitnodiging tot onderzoek. Naar jezelf. Naar wat je nodig hebt. Naar wat wel en niet klopt. Soms leidt dat tot professionele hulp. Soms niet. Beide zijn legitiem. Ervaringsverhalen zijn geen eindpunt, maar een begin van denken, voelen en eventueel verder kijken.

Mijn positie is helder. Ik deel om woorden te geven, niet om vast te leggen wat iets is. Ik schrijf om herkenning mogelijk te maken, niet om kaders te sluiten. Ik ben verantwoordelijk voor mijn woorden en mijn zorgvuldigheid, maar niet voor de conclusies die anderen daaruit trekken. Daarom blijf ik bij mijn perspectief. Ik spreek in ik. Ik laat ruimte voor verschil. Ik benoem grenzen.

Ervaringskennis is waardevol, juist omdat zij niet pretendeert compleet te zijn. Ze laat zien hoe breed het spectrum is, hoe verschillend levens kunnen lopen, en hoe weinig zin het heeft om één verhaal als maatstaf te nemen. Wie dit leest met nuance, vindt geen antwoorden voor iedereen, maar mogelijk wel woorden die helpen bij eigen reflectie.

Over de grenzen van ervaringskennis
Ervaringskennis heeft grenzen. Ze kan inzicht geven, maar geen diagnose. Ze kan herkenning bieden, maar geen behandeling vervangen. Ze kan helpen bij begrijpen, maar niet bij alles oplossen. Juist door die grenzen serieus te nemen, blijft ervaringskennis betrouwbaar. Niet omdat zij alles weet, maar omdat zij weet wat zij niet is.

1 gedachte over “Waarom ik schrijf vanuit ervaringskennis”

  1. Iedereen ervaart het op zijn manier. Er zijn overeenkomsten maar toch is iedereen verschillend. Wat voor de een werkt dat werkt voor de ander juist niet. We kunnen van elkaar leren. Ik heb afgelopen jaren veel over mezelf geleerd. Daarnaast wissel ik ook ervaringen uit. Inderdaad geen ´one size fits all´ omdat het bij iedereen anders is. Het verschil mag er zijn. Sommige dingen zijn voor mij herkenbaar en sommigen niet. Ieder verhaal is anders maar toch hebben we aan de andere kant ook weer dingen gemeen en lopen we tegen dingen aan of leren we weer dingen bij. Ik zwom ook lang onder de radar maar heb nooit gecamoufleerd en kreeg alsnog commentaar dat ik te aanwezig was. Mijn diagnose had ik 10 jaar eerder kunnen krijgen of eerder hulp maar nooit heeft iemand iets tegen me gezegd of me gevraagd of ik me op ASS of ADHD had laten onderzoeken. Dat had wel gescheeld. Maar het is nooit te laat voor een diagnose en ik heb een verklaring. Het is een opluchting. Het hoort bij me. Het is een manier van zijn.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven