Er is een term die steeds vaker opduikt binnen de neurodiverse gemeenschap: monotropic split. Tanya Adkin gebruikte die woorden om iets te benoemen wat velen van ons dagelijks ervaren, maar moeilijk kunnen uitleggen. Het moment waarop je brein niet meer weet waar het eerst moet beginnen. Waar je probeert te focussen, maar de wereld aan je blijft trekken.
Wat een monotropic brein anders maakt
Een monotropic brein werkt niet breed, maar diep. Je aandacht stroomt niet naar alles tegelijk, maar naar één kanaal. Als je ergens in zit, ben je er ook echt. Je voelt, denkt en leeft intens in dat ene onderwerp of die ene taak. Dat is de kracht van monotropie: focus, diepte, creativiteit, toewijding.
Maar er zit een prijs aan. Elke onderbreking breekt die stroom. En wat voor anderen een kleine wissel lijkt – even van mail naar gesprek, of van werk naar een telefoontje – voelt voor een monotropic brein als uit een droom getrokken worden. Het duurt lang voor je weer terug bent waar je was. Soms lukt het helemaal niet meer.
Wat er gebeurt bij een monotropic split
De wereld vraagt om multitasken. Om schakelen, tegelijk luisteren, antwoorden, reageren, aanpassen. Voor een monotropic brein is dat onnatuurlijk. Het probeert zijn aandacht te verdelen, maar raakt in stukken. Dat is de split: een cognitieve breuk tussen waar je focus wil zijn en waar je van buitenaf naartoe getrokken wordt.
Over tijd bouwt dat op. Elke afleiding, elk “even snel tussendoor” trekt aan dezelfde bron. Tot er niets meer overblijft dan ruis, vermoeidheid en het gevoel dat je tekortschiet. Niet omdat je zwak bent, maar omdat je hersenen niet zijn gemaakt voor voortdurende versnippering.
Een persoonlijk voorbeeld uit mijn werk
Ik heb jarenlang klantcontactwerk gedaan. De telefoon ging de hele dag door. Je was bezig met een dossier, probeerde iets af te ronden, en precies op dat moment rinkelde de lijn. Het gesprek vroeg meteen je volle aandacht, terwijl in je hoofd nog de vorige taak rondspookte. Zodra je ophing, stond de volgende mail of collega alweer klaar.
Voor anderen was dat gewoon de hectiek van een werkdag. Voor mij voelde het als continu uit elkaar getrokken worden. Elke onderbreking brak mijn concentratie, en het kostte steeds meer energie om die weer terug te vinden. Aan het eind van de dag was ik leeg. Niet alleen moe, maar mentaal versplinterd.
Toch werkte ik jarenlang zo door. Blijkbaar was ik flexibel genoeg om mezelf eindeloos te rekken. Ik schoof mijn grenzen steeds verder op, want ik kon het “nog nét even volhouden”.
Sterker nog, ik groeide zelfs door naar coördinerende functies. Dat leek bewijs van veerkracht, maar in werkelijkheid was het overleven. Ik hield mezelf overeind door harder te werken dan goed voor me was. En uiteindelijk stortte ik in. Zware chronische vermoeidheid, autistische burn-out, en de nasleep van 35 jaar jezelf voortdurend overvragen.
Toen ik later over de monotropic split las, viel dat in één keer op zijn plek. Het was niet dat ik niet sterk genoeg was. Ik was juist te sterk in het aanpassen, tot ik mezelf kwijtraakte.
De interne split bij AuDHD
Bij AuDHD speelt de strijd zich niet alleen buiten, maar ook binnen je hoofd af. Autisme wil diepte, rust, voorspelbaarheid. ADHD zoekt beweging, nieuwheid, dopamine. Samen vormen ze een brein dat tegelijk wil vertragen en versnellen.
Een alledaags voorbeeld? Ik begin met boeken uitpakken. Halverwege bedenk ik dat ik mijn digitaal visitekaartje nog moet aanpassen. Terwijl ik daarmee bezig ben, denk ik aan iets in Minecraft en open ik het spel “heel even”. Daarna valt mijn oog weer op de stapel boeken.
Of ik sta de afwas te doen, zie dat de vuilnisbak vol is, ga die legen, kom langs de schuur en begin spontaan met opruimen. De vuilniszak blijft bij de deur staan, de schuurdeur open, en binnen wacht de afwas nog steeds.
Het is geen luiheid of gebrek aan wilskracht. Het is een brein dat te veel tegelijk wil doen, en telkens opnieuw wordt overspoeld door nieuwe aandachtstrekkers. De split zit niet alleen tussen taken, maar in de aandacht zelf.
De bredere neurodiverse context
De monotropic split komt niet alleen voor bij autisme of ADHD. Veel neurodivergente mensen herkennen de breuk, al is de oorzaak anders.
- Dyslexie: elke lees- of schrijftaak vraagt bewuste aandacht, waardoor de ruimte voor andere input verdwijnt.
- Dyspraxie: motorische coördinatie vraagt zoveel focus dat overstimulatie snel toeslaat.
- Tourette of OCD: ongewilde impulsen of dwanggedachten breken voortdurend de concentratie.
- HSP: de aandacht wordt niet gespleten door taken, maar door de intensiteit van wat binnenkomt.
Het gemeenschappelijke kenmerk: het brein raakt overbelast omdat het meer prikkels, stappen of schakelingen moet verwerken dan het aankan.
De gevolgen van voortdurende splitsing
Langdurige cognitieve overbelasting heeft gevolgen. De eerste signalen lijken onschuldig: vergeetachtigheid, spanning, vermoeidheid. Maar daarna volgt het echte instorten. Je voelt dat je niet meer kunt nadenken, niet meer kunt beginnen, niet meer kunt stoppen. Je raakt het vertrouwen kwijt in je eigen kunnen.
Dat is wat Tanya Adkin bedoelt met cognitive trauma. Niet het trauma van één gebeurtenis, maar van herhaald overleven in een wereld die niet bij je past.
Wat helpt
Er bestaat geen snelle oplossing, maar wel houvast.
- Eén taak tegelijk. Dwing jezelf niet tot verdelen.
- Overgangen bewust maken. Sluit af, adem uit, begin pas daarna aan iets nieuws.
- Prikkels beperken. Notificaties uit, geluid omlaag, helder kader per taak.
- Mildheid oefenen. Dit is geen gebrek aan discipline, maar een neurologische realiteit.
De kern: er is niets mis met jouw brein. De schade ontstaat omdat de wereld jou vraagt iets te doen waar je brein niet op gebouwd is.
Waarom ik dit deel
Bij Neurodivers Denken kom ik het vaak tegen. Mensen die jarenlang hebben volgehouden, die alsmaar flexibel waren, loyaal, verantwoordelijk, en nu opgebrand thuiszitten. Niet omdat ze faalden, maar omdat ze zichzelf te lang hebben aangepast. Omdat niemand ze ooit heeft uitgelegd dat hun brein anders werkt.
De monotropic split is niet alleen een theoretisch concept. Het is de dagelijkse realiteit van veel neurodivergente mensen die te vaak gehoord hebben dat ze “gewoon beter moeten plannen”.
Ik geloof dat begrip hiervoor een begin kan zijn van herstel. Want pas als je snapt waarom je breekt, kun je jezelf weer heel maken.
Een moment van reflectie
Herken jij dat gevoel van een brein dat aan alle kanten wordt getrokken?
Waarin je tegelijk wilt vertragen en versnellen?
Misschien is het geen onvermogen, maar een split die je probeert te overleven.






