Alexithymie – voelen is er wel, maar woorden ontbreken

Een hardnekkig misverstand over neurodivergente mensen, en specifiek over autistische mensen, is dat zij weinig of niets zouden voelen. Dat beeld klopt niet. Veel neurodivergente mensen voelen juist veel, soms zelfs intens. Alleen lukt het niet altijd om te herkennen wat het precies is, of om er woorden aan te geven. Daar komt alexithymie om de hoek kijken.

Wat is alexithymie
Alexithymie betekent letterlijk dat iemand moeite heeft met woorden voor emoties. Het is geen diagnose op zichzelf en het betekent niet dat je geen gevoelens hebt. Het betekent dat het herkennen, onderscheiden en benoemen van emoties lastig kan zijn. Niet af en toe, maar als patroon.

Bij alexithymie kunnen er grofweg drie dingen spelen, in verschillende combinaties.

  1. Herkennen dat je iets voelt
    Je merkt wel dat er iets is, maar je kunt het niet goed plaatsen.
  2. Onderscheiden wat het is
    Je voelt spanning, maar is het stress, angst, irritatie, schaamte, verdriet, teleurstelling, overprikkeling, of alles tegelijk.
  3. Benoemen en delen
    Je wilt er iets over zeggen, maar je vindt geen woorden, of je komt uit op een vaag antwoord zoals “ik weet het niet”.

Alexithymie is dus niet het gebrek aan emotie, maar het gebrek aan toegang tot duidelijke emotielabels en emotie taal, zeker in het moment.

Hoe voelt dat in het dagelijks leven
Voor veel mensen met alexithymie is het gevoel er eerder als lichaamssignaal dan als emotiewoord. Je merkt bijvoorbeeld dat je hoofd vol zit, dat je lijf strak staat, dat je maag protesteert, dat je moe wordt, dat je ineens prikkelbaar bent, of dat je juist leeg wordt. Iemand anders ziet dan misschien niets, of ziet alleen dat je stiller wordt.

Sommige mensen beschrijven het alsof emoties eerst als ruis binnenkomen en pas later vorm krijgen. Pas achteraf, als de situatie voorbij is, begrijp je wat je voelde. Dan komt er ineens een helder inzicht: dit was verdriet, dit was angst, dit was schaamte, dit was overbelasting. Maar op het moment zelf kon je er niet bij.

Waarom voelen niet hetzelfde is als weten wat je voelt
Veel buitenstaanders denken: als je iets voelt, dan weet je toch wat het is. Dat is een misvatting. Een emotie is niet alleen een gedachte, het is ook fysiologie. Hartslag, spierspanning, ademhaling, warmte, druk, energie. Als je systeem overbelast is, kunnen die signalen door elkaar lopen. Dan voelt het als één grote brok onrust.

Daarom kan iemand met alexithymie heel oprecht zeggen: ik weet het niet. Niet als ontwijking, maar als feitelijke status. Er is nog geen label, nog geen orde, nog geen taal.

Waarom komt alexithymie vaker voor bij neurodivergentie
Bij autisme en AuDHD spelen vaak drie factoren mee.

  1. Prikkelverwerking
    Als je prikkels intens binnenkomen, kost het veel capaciteit om überhaupt staande te blijven. Emoties worden dan niet netjes geordend, maar komen bovenop alles wat al binnenkomt.
  2. Stress en overleving
    Wie jarenlang op hoog stressniveau leeft, leert vaak om signalen te negeren. Dat is logisch. Als je altijd door moet, ga je over je eigen signalen heen. Dan raak je het contact kwijt met de fijne verschillen. Je leert niet: dit is spanning en dit is verdriet. Je leert: ik functioneer of ik val om.
  3. Maskeren en aanpassen
    Veel neurodivergente mensen zijn vroeg gaan scannen: wat is passend, wat mag, wat moet ik doen om niet op te vallen. Dat helpt om te overleven in sociale situaties, maar het kan ook zorgen dat je naar buiten gericht raakt en minder naar binnen. Dan wordt het voelen niet weg, maar het wordt minder toegankelijk.

Een belangrijk gevolg hiervan is dat het voor jezelf ook lastig kan zijn om grenzen te voelen. Je merkt pas dat het te veel was als je al over de grens bent. Dat kan eruitzien als ineens huilen, ineens boos worden, ineens dichtklappen, of ineens ziek worden.

Veelvoorkomende misinterpretaties
Alexithymie wordt vaak verkeerd gelezen. Vooral in relaties en in hulpverlening.

“Je bent zo koel.”
“Je praat niet over gevoelens, dus je hebt ze niet.”
“Je lijkt nergens door geraakt.”
“Je neemt niets serieus.”

Terwijl de realiteit vaak is: er is juist veel, maar er is geen toegang tot woorden in het moment. Als iemand dan onder druk gezet wordt om het toch te benoemen, kan dat de stress verhogen en het nóg moeilijker maken.

Hoe het zich kan uiten
Alexithymie ziet er niet bij iedereen hetzelfde uit. Een paar herkenbare vormen.

Je gaat naar lichamelijke klachten
Hoofdpijn, buikklachten, misselijkheid, hartkloppingen, uitgeput zijn, gespannen kaken, stijve schouders. Het lijf spreekt eerst.

Je wordt praktisch
In plaats van praten over hoe het voelt, ga je oplossen, regelen, analyseren. Dat kan een manier zijn om grip te krijgen.

Je klapt dicht bij de vraag “wat voel je”
Niet omdat je niet wilt, maar omdat die vraag te groot is. Zeker als iemand er meteen een antwoord op verwacht.

Je reageert heftig zonder het te begrijpen
Je schrikt van je eigen boosheid of verdriet, omdat het uit het niets lijkt te komen. Terwijl het vaak al langer aan het opbouwen was, maar onopgemerkt bleef.

Je begrijpt het pas later
Uren later of de volgende dag kun je het ineens wel benoemen. Dan voelt het soms wrang, omdat het gesprek al voorbij is.

Alexithymie en empathie
Sommige mensen gooien alexithymie op één hoop met een gebrek aan empathie. Dat klopt niet. Iemand kan moeite hebben met het benoemen van eigen emoties en tegelijk heel sterk meevoelen met anderen. Of juist extreem geraakt worden door wat een ander voelt, zonder dat goed te kunnen plaatsen. Geen woorden hebben is niet hetzelfde als geen diepte.

Alexithymie en RSD
Alexithymie en RSD kunnen elkaar versterken. Als je sterk reageert op afwijzing, maar je kunt niet goed benoemen wat je voelt, krijg je extra verwarring. Je voelt pijn en alarm, maar je hebt geen taal. Dan kan een reactie groter worden, of juist stil en teruggetrokken. Voor de buitenwereld kan dat onlogisch lijken. Van binnen is het vaak pure overbelasting.

Wat helpt wel
Het helpt om alexithymie te benaderen als een vertaalkwestie, niet als een gebrek.

Voor jezelf kan dit helpen.

  1. Begin bij het lijf
    In plaats van “wat voel ik”, start met “wat merk ik”. Bijvoorbeeld: mijn borst is strak, mijn maag is onrustig, mijn handen zijn onrustig, mijn adem zit hoog, mijn hoofd is vol.
  2. Gebruik tussenwoorden
    Soms is het al winst om te zeggen: het is iets tussen irritatie en verdriet, of het voelt als spanning met een randje schaamte. Het hoeft niet perfect.
  3. Werk met keuzewoorden
    In plaats van open vragen kun je kiezen uit opties. Ben ik boos, bang, verdrietig, beschaamd, teleurgesteld, overprikkeld, of moe. Je hoeft het niet zeker te weten, je verkent.
  4. Geef jezelf tijd
    Veel mensen kunnen pas achteraf duiden. Dat is geen falen. Dat is hoe jouw systeem werkt. Je kunt dat ook inbouwen: ik kom hier later op terug, ik weet het nu nog niet.
  5. Verlaag druk in gesprekken
    Als iemand vraagt “wat voel je”, helpt het vaak als het niet meteen hoeft. Geen aandringen, geen “maar je moet het toch weten”. Rust en ruimte maken taal mogelijk.

Wat helpt voor partners, familie en professionals
De belangrijkste verschuiving is van eisen naar uitnodigen. Niet: zeg wat je voelt. Wel: ik wil begrijpen wat er in je omgaat, zullen we samen kijken. Niet: waarom reageer je zo. Wel: wat gebeurt er in je lijf, wat was de trigger, wat had je nodig.

Concreet kun je vragen stellen zoals:
Wat merk je in je lichaam
Wil je er nu iets over zeggen, of later
Zullen we eerst even ontprikkelen en daarna praten
Als je één woord zou moeten kiezen, welk woord komt het dichtstbij
Wat maakte dat het kantelde

En het helpt om iemands antwoord serieus te nemen, ook als het vaag is. “Ik weet het niet” is dan geen blokkade, maar informatie. Het betekent: er is nog geen toegang. Dan is de volgende stap meestal veiligheid, rust, tijd.

Persoonlijke observatie
Wat ik bij mezelf herken, is dat ik soms pas later woorden heb. In het moment voelt het als ruis of druk, en pas als de rust terug is, kan ik zien wat het eigenlijk was. Dat besef heeft mij milder gemaakt. Ik hoef het niet meteen te kunnen benoemen om te weten dat het echt is.

Eindvraag voor de lezer
Wat zou er veranderen als we stoppen met denken dat geen woorden hebben hetzelfde is als niets voelen, en meer ruimte maken voor uitstel, lichaamstaal en nuance.

4 gedachten over “Alexithymie – voelen is er wel, maar woorden ontbreken”

  1. Hennie Veenstra van Setten

    Ten eerste en dit is als compliment bedoeld, Nanda, wat ben je ontzettend productief. Ik kan je soms bijna niet bijhouden, maar ik ben de laatste drie maanden ook door een rottijd gegaan en ben daar erg moe van geworden en dat was ik daarvoor ook al, maar blijkbaar kon er nog een schepje moeheid bovenop. Maar ondanks dat heb ik veel aan wat je schrijft. Wat mij heeft geholpen om er mee om te gaan dat ik op het “juiste” moment geen woorden heb, of dat ik juist te snel en te enthousiast op iets heb gereageerd, mijn ADHD kant denk ik dan. Wat mij dan dus helpt is een zinnetje van mijn psycholoog, dat ik in mijn geheugen heb gegrift: “Je mag altijd ergens op terug komen!”
    Wat ik me afvraag bij alexithymie is of dat er misschien ook voor kan zorgen dat je een situatie niet goed kan inschatten op het juiste moment, waardoor de kans op seksueel misbruik (verkrachting) groter is. Ik vraag me namelijk af wat maakt dat mensen in het spectrum daar vaker slachtoffer van worden. Het is mij helaas overkomen toen ik 22 jaar jong was en volgend jaar gaan mijn psycholoog en ik daar opnieuw een aantal sessies aan weiden. (dan is het bijna 46 jaar later)
    Los van bovenstaande wil ik je een heel goed 2026 wensen en mijn hoop is dat je nog lang door mag gaan met het schrijven van jouw mooie blogs. Leg jezelf daarbij niet te veel druk op. Het is fantastisch dat je dit doet.

    1. Dank je wel voor je warme woorden, dat raakt me. En wat mooi dat dat zinnetje van je psycholoog je helpt, dat is zo’n belangrijke nuance.

      Wat je vraagt over alexithymie en kwetsbaarheid is een heel terechte en moeilijke vraag. Daar spelen vaak meerdere factoren in mee, zoals moeite met signalen voelen of duiden, grenzen herkennen, en machtsdynamieken. Maskeren, camoufleren en people pleasing kunnen daarin ook een grote rol spelen: het voortdurend aanpassen, eigen signalen wegdrukken en over grenzen gaan om de situatie “veilig” te houden. Dat kan iemand extra kwetsbaar maken. Dat ligt nooit bij het slachtoffer, maar laat zien hoe gelaagd en complex dit is. Fijn dat je hier samen met je psycholoog weer ruimte voor maakt. Ik wens jou ook veel zachtheid toe, nu en richting 2026.

      1. Hennie Veenstra van Setten

        Dankjewel Nanda voor jouw reactie. Ook die is zeker helpend en ook herkenbaar.
        Het toeval wilde dat nadat ik mijn reactie had geplaatst, ik langs deze tekst kwam die ik vijf jaar geleden op mijn Facebookpagina had gezet. Toen wist ik nog maar een maand dat ik AuDHD had. Ik weet niet wie de schrijver van deze tekst was, maar ik voor mijn gevoel past hij wel bij alexithymie.

        Geef me wat tijd…
        Om aan een idee te wennen
        En niet gelijk aan me voorbij te rennen

        Geef me wat tijd…
        Al is mijn eerste reactie soms gelijk NEE
        Later ga ik misschien best met je idee mee

        Geef me wat tijd…
        Om de informatie te laten bezinken
        En te kijken waar ik het aan kan linken

        Geef me wat tijd…
        Om het in mijn hoofd logisch te laten lijken
        Daarna wil ik je best helpen zal blijken

        Geef me de tijd…
        Al durf ik daar niet altijd om te vragen
        Ik hoop dat ik jou daartoe uit kan dagen

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven