Altijd warm, altijd koud? Over zintuigen die we vaak vergeten

Mijn oom stuurde me een post over autisme en temperatuurregulatie. Over sneller oververhit raken. Over het altijd warm of juist altijd koud hebben. En ik dacht meteen: ja. Dit herken ik.

Ik loop in de winter thuis gerust in een t shirt. Ik draag bijna altijd laagjes. Een vest dat open kan. Een jas die ik liever niet dicht doe. Zodra het buiten een graad of tien is, wissel ik mijn winterjas vaak al in voor een dik vest. Niet omdat ik stoer wil doen, maar omdat mijn lijf anders reageert.

Warmte voelt bij mij snel als te veel. Alsof mijn systeem harder moet werken dan dat van anderen.

Veel mensen denken bij zintuigen aan vijf dingen: zien, horen, ruiken, proeven en voelen. Maar ons lichaam heeft meer systemen die informatie verzamelen. Ook van binnenuit. En juist die systemen hebben enorme invloed op hoe jij je voelt.


Meer dan vijf zintuigen

Naast de bekende vijf zintuigen zijn er nog andere systemen die continu informatie doorgeven aan je brein. Ze bepalen hoe jij je lichaam ervaart. Hoe jij prikkels verwerkt. Hoe jij grenzen voelt.

Als die systemen anders werken, voelt de wereld anders. Van buiten én van binnen.


Thermoceptie: hoe je warmte en kou waarneemt

Thermoceptie is het zintuig dat temperatuur registreert.

Voor de één is 22 graden prima. Voor de ander voelt dat als een sauna. Sommige mensen hebben het altijd koud. Anderen bijna altijd warm.

Als thermoceptie anders werkt, moet je lichaam harder bijsturen. Sneller zweten. Sneller in spanning schieten. Meer energie gebruiken om je temperatuur stabiel te houden.

Dat zie je niet aan de buitenkant. Maar het kost wel degelijk energie.


Interoceptie: signalen van binnenuit

Interoceptie gaat over alles wat je lichaam van binnen laat weten. Dorst. Honger. Vermoeidheid. Hartslag. Spanning. Oververhitting.

Als interoceptie minder duidelijk is, merk je misschien pas dat je moe bent als je al over je grens bent. Of voel je pas dat je dorst hebt als je hoofdpijn krijgt. Of merk je pas hoe warm het is als je lichaam al in de stress schiet.

Je lijf praat wel. Maar niet altijd op tijd. Of niet altijd helder.

En timing maakt verschil.

Veel mensen herkennen dit: ik voelde het niet toen het begon. Ik voelde het pas toen het te laat was. Dat is geen gebrek aan zelfinzicht. Dat kan te maken hebben met hoe interne signalen worden verwerkt.


Proprioceptie: waar is je lichaam in de ruimte

Proprioceptie komt uit je spieren en gewrichten. Het vertelt je waar je lichaam is en hoeveel kracht je gebruikt.

Misschien geef je een stevige handdruk zonder dat je het doorhebt. Zet je te veel druk op je pen bij het schrijven. Struikel je sneller. Of voel je je juist wat los in je lijf.

Als deze informatie minder automatisch binnenkomt, moet je brein meer corrigeren. Ook dat kost energie.


Het vestibulaire systeem: balans en beweging

Dit systeem regelt evenwicht en beweging.

Sommige mensen worden snel duizelig. Anderen hebben juist veel beweging nodig om zich goed te voelen. Wiebelen. Draaien. Niet stil kunnen zitten.

Ook dit is zintuiglijke informatieverwerking.


Nociceptie: pijnwaarneming

Nociceptie gaat over hoe je pijn ervaart.

Sommige mensen voelen pijn extreem intens. Anderen juist nauwelijks, tot het eigenlijk al te laat is.

Ook dat beïnvloedt hoe veilig of onveilig je lichaam zich voelt.


Wat dit doet met je energie

Al deze systemen leveren informatie aan je zenuwstelsel. Dat systeem beslist continu: veilig of onveilig. Rust of actie. Ontspanning of aanspanning.

Als de input intens, onduidelijk of vertraagd is, moet je systeem harder werken. Meer corrigeren. Meer bijsturen.

Dat betekent:
Meer energieverbruik.
Sneller vermoeid.
Sneller over je grens.

Soms zonder dat je begrijpt waarom.

Je kunt jezelf lui noemen. Of overgevoelig. Maar wat als je systeem gewoon meer arbeid verricht om dezelfde dag door te komen.


Waarom signalen soms te laat komen

Een van de meest onderschatte gevolgen van afwijkende interoceptie is vertraagde signalering.

Je merkt niet op tijd dat je overprikkeld raakt.
Je merkt niet op tijd dat je te warm bent.
Je merkt niet op tijd dat je spanning oploopt.

En dan lijkt het alsof je “ineens” omvalt. Terwijl je lichaam al veel langer signalen gaf.

Niet alles wat plotseling voelt, is plotseling ontstaan.


Misverstanden ontstaan hier

Omdat dit onzichtbaar is, ontstaat er snel misinterpretatie.

Je stelt je aan.
Het zit tussen je oren.
Het valt toch wel mee.

Maar niet alles wat onzichtbaar is, is psychisch.

Als jij geen duidelijke dorst voelt, drink je te laat.
Als jij warmte sterker ervaart, raak je sneller uitgeput.
Als jij spanning niet tijdig merkt, kom je pas in actie als het al misgaat.

Dat heeft niets te maken met zwakte. Het heeft te maken met informatieverwerking.


Woorden geven aan wat je voelt

Dit is voor mij de kern.

Veel mensen voelen dat er iets anders is, maar hebben er geen taal voor. En zonder taal is het lastig uitleggen aan je omgeving of aan hulpverlening.

Als jij kunt zeggen: mijn interoceptie is niet heel duidelijk.
Of: mijn thermoceptie is sterk.
Of: mijn proprioceptie vraagt extra energie.

Dan verandert het gesprek.

Dan gaat het niet meer over aanstellen.
Dan gaat het over hoe jouw systeem werkt.

Voor mij betekent dit dat ik laagjes draag. Dat ik mijn jas open laat. Dat ik mijn lichaam serieus neem, ook als anderen dat niet begrijpen.

Misschien ben jij niet moeilijk. Misschien voelt jouw lichaam gewoon anders dan dat van de meeste mensen om je heen.

En misschien begint begrip bij weten dat er meer zintuigen zijn dan die vijf die we op school leerden.

4 gedachten over “Altijd warm, altijd koud? Over zintuigen die we vaak vergeten”

  1. Margo Luberti

    Als jij kunt zeggen:
    “mijn proprioceptie vraagt extra energie.”
    Dan verandert het gesprek 🤔.
    Ik denk dat ik dan eerst heel veel uit leggen heb.

    Hoe heet het als electrische en/of digitale apparaten van slag raken om jou te waarschuwen dat je uit balans bent? Is daar ook zo’n mooi woord voor?

    1. Ik snap wat je bedoelt 🙂 Alleen is daar geen officiële term voor binnen de zintuigen. Het valt niet onder bijvoorbeeld proprioceptie of interoceptie.

      Wat je wél ziet, is dat mensen gevoeliger kunnen zijn voor prikkels en sneller merken wanneer hun systeem uit balans raakt. Maar apparaten die reageren valt daar niet onder.

  2. Om te beginnen, dankjewel voor dit verduidelijkende blog. Voor mij is het super herkenbaar. Voor mij ligt het deel wat over temperatuur kunnen verdragen, ook aan het feit dat ik hEDS heb, een erfelijke aandoening die vaak samen gaat met ASS en die vaak als diagnose wordt gemist en als misdiagnose wordt dan vaak fibromyalgie genoemd. Ik voel me alleen prettig tussen de 20 en de 23 graden. Ik voel inderdaad mijn grenzen niet goed aan, vooral waar het vermoeidheid betreft. Wat pijn betreft is mij als 3 jarig meisje door een KNO arts gezegd dat ik niet mocht huilen bij een uiterst pijnlijke behandeling, die tegenwoordig onder een roesje wordt gedaan. Dissociatie was mijn enige wapen destijds. Veel behandelaren zeggen dat ik een hoge pijngrens heb. Voor mijn gevoel negeer ik het soms, waardoor ik pas ingrijp als het echt niet meer te negeren is. Nog even iets anders. Ik krijg iedere dag de Dagelijkse Gedachte in mijn mail en die van vandaag vond ik hier wel bij passen het is een tekst van André Gide: ”Durf anders te zijn dan anderen van je verwachten.”

    1. Dank je wel voor het delen. Wat je beschrijft over temperatuur, vermoeidheid en pijn laat goed zien hoe complex dit kan zijn, zeker in combinatie met hEDS.

      Dat stuk over pijn negeren en pas ingrijpen als het echt niet meer gaat, hoor ik vaker. Niet omdat iemand het niet voelt, maar omdat de signalen anders binnenkomen of lang worden onderdrukt.

      En die quote is een mooie toevoeging. Juist dat stukje “anders mogen zijn” raakt hier ook aan.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven